Arrow

De Hoge Raad haalt streep door de 8% belastingrente

Belasting betalen is iets wat inherent is aan winst maken, maar niemand wilt graag teveel belasting betalen. Wat echter voor veel ondernemers erg schrikken was, was de forse verhoging van de belastingrente voor de vennootschapsbelasting (Vpb). Sinds 1 januari 2022 was dit 8% en in 2024 kwam het hoogtepunt op 10%. Ook met de 9% in 2025 en 7,5% in 2026 worden de meeste ondernemers toch niet echt blij.
De Hoge Raad heeft hierover op 16 januari 2026 een cruciale uitspraak gedaan die voor veel van onze cliënten goed nieuws betekent.

Even terug naar het begin
Sinds begin 2022 was de belastingrente voor de Vpb gekoppeld aan de wettelijke handelsrente, met een ondergrens van 8%. Voor andere belastingen, zoals de inkomstenbelasting, gold een aanzienlijk lager percentage. Dit zorgde voor een scheve situatie. De zaak kwam voor de rechter nadat een besloten vennootschap bezwaar maakte tegen de 8% rente die zij over een voorlopige aanslag moest betalen. De rechtbank Noord-Nederland stelde de ondernemer in het gelijk, waarna de Staatssecretaris van Financiën direct naar de Hoge Raad stapte via een zogenaamde 'sprongcassatie'.

De rol van de 'meedenkers'
De Hoge Raad heeft gebruik gemaakt van de amicus-procedure. Dit hield in dat externe partijen en organisaties hun visie op de zaak mochten geven. Er kwamen maar liefst 149 reacties binnen, wat aantoont hoe breed dit onderwerp leeft in het bedrijfsleven.

Advies van de advocaat-generaal
Op 1 oktober adviseerde de AG al om de 8% rente onverbindend te verklaren.

Waarom de 8% van tafel moet
De Hoge Raad oordeelt nu ook dat de verhoging naar 8% onverbindend is. Hoewel de overheid op papier wel de bevoegdheid had om de rente te wijzigen, is de uitvoering in strijd met twee fundamentele rechtsbeginselen:

  1. Het evenredigheidsbeginsel: De nadelige gevolgen van een lastenverzwaring mogen niet onevenredig zijn in verhouding tot het doel. De Hoge Raad stelde vast dat de verhoging puur een budgettair doel diende (geld ophalen voor de schatkist).
  2. Het gelijkheidsbeginsel: Door alleen de rente voor Vpb-plichtigen zo fors te verhogen, werd deze groep zonder goede grond zwaarder belast dan andere belastingplichtigen. Voor de berekening van belastingrente moeten deze groepen namelijk als gelijke gevallen worden beschouwd.

Wat is de nieuwe situatie?
De uitspraak is duidelijk: de 8%-bepaling moet buiten toepassing blijven. Dit betekent in de praktijk het volgende:

  • Voor de jaren 2022 en 2023 moet de belastingrente voor de Vpb worden berekend op basis van de algemene regel, wat neerkomt op 4%.
  • Vanaf 1 januari 2024 geldt een percentage van 4,5%.

Dit betekent een halvering van de rentelast in vergelijking met de oude situatie voor die jaren.

Wat betekent dit voor jou?
De Staatssecretaris had voor deze kwestie al een 'aanwijzing massaal bezwaar' afgegeven. Dit betekent dat de uitkomst van deze procedure direct gevolgen heeft voor de lopende bezwaren over dit onderwerp.

Wil je meer weten over deze regeling? Neem dan contact met ons op. Wij helpen je graag.

Neem direct contact op
Bekijk al onze diensten
Wesley
Geschreven door: Wesley

Stel hem een vraag

Bekijk ons

Kennisplein

Afspraak inplannen?

Neem contact op