Informatie en adviezen betreffende het Coronavirus

Het coronavirus heeft grote gevolgen voor de bedrijfsvoering van ondernemingen. Op dinsdag 17 maart 2020 heeft het kabinet daarom ook besloten uitzonderlijke economische maatregelen te nemen. Het doel is om naast onze gezondheid ook de banen en inkomens te beschermen en de gevolgen voor zzp’ers, mkb-ondernemers en grootbedrijven op te vangen. Dit pakket biedt, zo lang als nodig is, maandelijks voor miljarden euro’s aan steun. Het pakket aan maatregelen zorgt ervoor dat personeel kan worden doorbetaald, biedt zelfstandigen een overbrugging, en maakt via versoepelde belastingregelingen, compensatie en extra kredietmogelijkheden mogelijk dat geld in de bedrijven blijft.

Handig overzicht zes aanvraagperiodes NOW-regeling

UWV heeft een handig overzicht gemaakt van de vijf verschillende aanvraagperiodes van de NOW-regeling in 2020 en 2021.

Download de PDF

De steunmaatregelen op een rij

Dit informatieblad geeft een overzicht van de uitbreiding van het steun- en herstelpakket.

Download de PDF 
 

 

Deze informatie is bijgewerkt tot en met 30 september 2021. De ontwikkelingen worden door onze adviseurs op de voet gevolgd. Wij doen er alles aan u zo volledig mogelijk te blijven informeren over de voor u relevante onderwerpen.

Meer informatie?

Tijdelijke regeling tegemoetkoming loonkosten (NOW)

De NOW-regeling is bedoeld voor werkgevers die als gevolg van het coronavirus en overheidsmaatregelen daartegen kampen met een substantieel omzetverlies (ten minste 20%). Zij kunnen bij het UWV een aanvraag indienen voor een tegemoetkoming in de loonkosten, en hiervoor een voorschot ontvangen. Hiermee kunnen zij werknemers met een vast en met een flexibel contract doorbetalen. Inmiddels kent de NOW-regeling de zesde aanvraagperiode.

De belangrijkste voorwaarden op een rij

  • NOW 6 geldt voor een periode 3 maanden (juli tot en met september 2021).
  • Indien tegemoetkoming ontvangen is voor de vijfde aanvraagperiode, dan moeten de 3 maanden van de zesde aanvraagperiode aansluiten op de 3 maanden van de vijfde aanvraagperiode.
  • De tegemoetkoming is gebaseerd op de loonsom in februari 2021. Deze loonsom wordt verhoogd met 40% en vermenigvuldigd met het percentage verwacht omzetverlies in de aanvraag.    
  • Het minimale omzetverlies om aanspraak te kunnen maken op de regeling is 20%. 

Na het toekennen van de subsidie, zal de aanvrager een tegemoeting van 85 procent ontvangen in drie termijnen. 

Alle inkomsten uit de normale ondernemingsactiviteiten vallen onder de omzet voor de NOW-regeling. Dit zijn inkomsten uit de verkoop van goederen en diensten. Voor non-profitorganisaties wordt hiervoor gekeken naar bijvoorbeeld subsidies, bijdragen van overheidsinstellingen en donaties. Ook de volgende tegemoetkomingen worden als omzet gerekend:

  • Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL);
  • Tegemoetkoming schade COVID-19 (TOGS);
  • Regeling continuïteitsbijdrage zorg;
  • Beschikbaarheidsvergoeding OV-bedrijven;
  • Tegemoetkoming sierteelt en voedingstuinbouw;
  • Tegemoetkoming ontvangen voor het uitlenen van werknemers voor crisisbanen.

Werkgevers die een aanvraag willen doen voor de zesde periode van de NOW-maatregel kunnen vanaf maandag 26 juli 2021 bij het UWV terecht. Het loket was tot en met 30 september 2021, 17.00 uur geopend. Informatie over de zesde periode vande NOW-maatregel is te vinden op de website van het UWV

De TVL telt vanaf NOW 3 (de subsidieperioden vanaf oktober 2020) niet meer mee als omzet voor de NOW. Bij de aanvragen van de definitieve subsidie vanaf NOW 3 zullen veel werkgevers door deze wijziging meer subsidie ontvangen. 

Klik hier voor de brief van 27 mei 2021 van de ministers Blok, Hoekstra en Koolmees en de staatssecretarissen Keijzer en Vijlbrief.

Definitieve aanvragen

Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de openstelling van het NOW-loket voor definitieve aanvragen van de NOW 1.0 verlengd. Werkgevers hebben nu tot en met 31 oktober 2021 de tijd om een aanvraag in te dienen. De verruiming van de aanvraagtermijn geldt zowel voor werkgevers die een accountantsverklaring nodig hebben (voor hen lag de deadline aanvankelijk op 29 juni 2021) als voor werkgevers die een derdenverklaring of geen verklaring nodig hebben (voor hen lag de deadline op 23 maart 2021). Voor beide groepen werkgevers geldt nu dezelfde termijn. Het loket voor de definitieve berekening voor de tweede periode NOW (juni-september 2020) is juist een maand eerder opengegaan dan gepland. Werkgevers kunnen vanaf 15 maart 2021 een aanvraag indienen. Dit heeft te maken met technische werkzaamheden die in april worden uitgevoerd. De einddatum voor deze termijn blijft ongewijzigd, namelijk 5 januari 2022.

Om een te grote druk op het UWV te voorkomen heeft een langere openstelling van het loket voor de eerste periode NOW gevolgen voor de aanvraag van een definitieve berekening voor de derde, vierde, vijfde en zesde periode NOW. Die termijnen zijn daarom nu ook aangepast. Voor de derde periode NOW (oktober-december 2020) kan de definitieve berekening worden aangevraagd van 4 oktober 2021 tot en met 22 februari 2023, voor de vierde en vijfde periode (respectievelijk januari-maart 2021, april – juni 2021 en juli - september 2021) loopt de termijn van 31 januari 2022 (vierde en vijfde tranche) / 1 juni 2022 (zesde tranche) tot en met 22 februari 2023. 

Onze adviseurs zijn graag bereid u hierin bij te staan of de (definitieve) aanvraag voor u te verzorgen. Onze relaties zullen hierin pro-actief benaderd worden door onze adviseurs.

Extra ondersteuning zelfstandig ondernemers (Tozo)

De Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) is een van de maatregelen van het kabinet om ondernemers te ondersteunen tijdens de coronacrisis. De regeling is voor zelfstandig ondernemers, waaronder zzp’ers. Het voorziet in een aanvullende uitkering voor levensonderhoud als het inkomen door de coronacrisis tot onder het sociaal minimum daalt. En in een lening voor bedrijfskapitaal om liquiditeitsproblemen als gevolg van de coronacrisis op te vangen. 

Per 1 oktober 2020 is in de Tozo 3 een toets op beschikbare geldmiddelen ingevoerd. Deze toets komt in aanvulling op de toetsen die in de Tozo 2 bestaan. Net als bij de vermogenstoets in het Bbz wordt de toets op beschikbare geldmiddelen zodanig vormgegeven dat zelfstandigen niet worden gedwongen onderdelen van hun bedrijf of zelfstandig beroep te liquideren. Dit zou namelijk ten koste gaan van de levensvatbaarheid van de onderneming en het weer kunnen beginnen met de zelfstandige activiteiten na de coronacrisis. De toets op beschikbare geldmiddelen houdt in dat ondernemers met meer dan € 46.520 aan beschikbare geldmiddelen (zoals contant geld, bank- en spaarsaldi en aandelen, obligaties en opties e.d.) niet in aanmerking komen voor de Tozo 3. Ander vermogen, waaronder dat uit de eigen woning, afgeschermd pensioen, bedrijfspand, machines, zakelijke apparatuur en voorraden, wordt buiten beschouwing gelaten. Nadere voorlichting hierover aan ondernemers en gemeenten volgt op korte termijn.

De partnerinkomenstoets wordt ook bij Tozo 3 uitgevoerd als u de aanvullende uitkering levensonderhoud aanvraagt. De partnerinkomenstoets houdt in dat het inkomen van de partner word meegeteld het bepalen van de hoogte van uitkering. Als het huishoudinkomen boven het sociaal minimum komt, kunt u, net als bij Tozo 2 geen aanspraak maken op Tozo 3-uitkering levensonderhoud.

Tegemoetkoming Vaste Lasten MKB

MKB-ondernemers krijgen - bovenop de tegemoetkoming loonkosten (NOW) - een belastingvrije tegemoetkoming van het ministerie van Economische Zaken om hun vaste materiële kosten te kunnen betalen. Bedrijven krijgen, afhankelijk van de omvang van het bedrijf, de hoogte van de vaste kosten en de mate van omzetderving (minimaal 30%) een tegemoetkoming voor hun vaste lasten tot een maximum van 550.000 euro voor MKB-bedrijven en 600.000 euro voor niet-MKB bedrijven. 

De Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) is uitgebreid in het tweede kwartaal (Q3) voor de periode juli t/m september 2021. Bedrijven en zzp’ers in Nederland kunnen subsidie aanvragen voor hun vaste lasten, wanneer zij aan de subsidievoorwaarden voldoen. De belangrijkste onderdelen van TVL Q3 2021 zijn: 

  • Het subsidiepercentage is 100% voor alle ondernemers met een omzetverlies vanaf 30%. 
  • Het minimum subsidiebedrag per kwartaal blijft 1.500 euro.
  • De referentie-omzetperiode is het tweede kwartaal 2019 of het derde kwartaal 2020.
  • Het bedrijf stond op 30 juni 2020 ingeschreven bij KVK, heeft een SBI-code en minimaal een vestiging in Nederland, met een aparte voordeur van het huisadres. Op deze vestigingseis zijn een paar uitzonderingen, zoals  goederenvervoer, markthandel, kermisattracties, taxichauffeurs, rijinstructeurs en sommige horeca.
  • Het bedrijf heeft meer dan 30% omzetverlies in het 3e kwartaal van 2021 vergeleken met het 3e kwartaal van 2019 óf het 3e kwartaal van 2020.
  • De vaste lasten zijn minimaal € 1.500 per kwartaal, op basis van het percentage vaste lasten dat bij de hoofdactiviteit van de onderneming hoort.  

De aanvraagperiode voor de vierde openstelling van de TVL (TVL Q2 2021) voor zowel MKB-ondernemingen als voor grote ondernemingen liep tot en met 20 augustus 2021, 17.00 uur. Het loket voor het aanvragen van de TVL Q3 2021 is op 31 augustus 2021, 08.00 uur geopend en sluit op 26 oktober 2021, 17.00 uur. Zie voor meer informatie de website van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

Belastingmaatregelen

Tot en met 30 september 2021 kon bijzonder uitstel van betaling worden aangevraagd voor alle aanslagen inkomstenbelasting, Zorgverzekeringswet, vennootschapsbelasting, loonheffingen en omzetbelasting (btw), assurantiebelasting, kansspelbelasting, verhuurderheffing, milieubelastingen (opslag duurzame energie, energiebelasting, kolenbelasting, afvalstoffenbelasting, belasting op leidingwater), binnenlandse accijnzen (bier, wijn, tussenproducten, overige alcoholhoudende producten, minerale oliën en tabaksproducten) en verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken.

De Belastingdienst kan een betaalverzuimboete opleggen indien een aangiftebelasting niet, niet volledig of niet op tijd betaald is. Deze betaalverzuimboete wordt echter vernietigd indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

  • Er is bijzonder uitstel van betaling aangevraagd en gekregen voor een naheffingsaanslag met een betaalverzuimboete omdat het op aangifte verschuldigde bedrag niet is betaald.
  • Het gaat om een boete voor de periode waarin het versoepeld uitstelbeleid geldt. Concreet: een boete voor het tijdvak februari 2020 of later.

Tijdens het bijzonder uitstel van betaling vanwege de coronacrisis worden door de Belastingdienst toch naheffingsaanslagen verstuurd voor de belastingen waarvoor bijzonder uitstel is ontvangen. Deze naheffingsaanslagen (plus eventuele betaalverzuimboeten) hoeven níet te worden betaald. De Belastingdienst verstuurt deze naheffingsaanslagen zodat belastingplichtigen een overzicht hebben van de belastingschuld die na het einde van het bijzonder uitstel afgelost moet worden.

De ingangsdatum van de betalingsregeling is verder opgeschoven van 1 oktober 2021 naar 1 oktober 2022. Bovendien wordt de terugbetalingstermijn verlengd van 36 maanden naar 60 maanden. Wel wordt van ondernemers verwacht dat zij vanaf 1 oktober 2021 weer gewoon belasting gaan betalen.

Het kabinet onderzoekt voor na de crisis de vormgeving van belastingmaatregelen waarmee werkgevers thuiswerkkosten kunnen vergoeden. Daarbij wordt ook gekeken naar de samenhang met bestaande reiskostenvergoedingen. Dit jaar kunnen werkgevers zo’n vergoeding ook via de werkkostenregeling geven. Deze regeling wordt opnieuw verruimd, net zoals vorig jaar. Daarnaast kunnen werkgevers tot 1 oktober 2021 bestaande vaste reiskostenvergoedingen opnieuw onbelast vergoeden.

Ondernemers die als gevolg van de coronacrisis te maken hebben met een omzetdaling, kunnen in 2021 weer het zogenaamde gebruikelijk loon lager vaststellen. Hier zijn wel nieuwe voorwaarden aan verbonden, vergelijkbaar zoals bij andere steunmaatregelen. Het urencriterium dat geldt om gebruik te maken van bepaalde aftrekposten (zoals de zelfstandigenaftrek) was wegens de coronacrisis versoepeld tot 1 juli 2021. Vanaf 1 juli 2021 tellen enkel de uren mee die de ondernemers daadwerkelijk aan de onderneming besteden.

De vrije ruimte in de werkkostenregeling wordt ook in 2021 verruimd. De vrije ruimte voor 2021 bedraagt 3% over de eerste € 400.000 loonsom per werkgever en 1,18% over het meerdere. Met de extra vrije ruimte krijgen werkgevers meer ruimte om eventuele thuiswerkvergoedingen die niet onder de gerichte vrijstellingen vallen, onbelast te vergoeden. Daarnaast is het mogelijk om onder voorwaarden bepaalde thuiswerkgerelateerde kosten onbelast te vergoeden, zoals bijvoorbeeld Arbo voorzieningen en ICT-middelen. Bij Arbo voorzieningen kan gedacht worden aan het faciliteren van een ergonomisch verantwoorde werkplek, waaronder een bureaustoel. Onder ICT-middelen valt bijvoorbeeld een noodzakelijke laptop.

Als een belastingaanslag niet op tijd betaald kan worden, moet normaal gesproken 4% invorderingsrente worden betaald vanaf het moment dat de betaaltermijn is verstreken. Omdat ondernemers het de komende tijd financieel nog steeds moeilijk kunnen hebben, is het aangepaste tarief van de invorderingsrente tot en met 31 december 2021 0,01%. Dit zorgt ervoor dat ondernemers de komende tijd ook vrijwel geen rentekosten hebben op de belastingschuld die afgelost moet worden. Op 1 januari 2022 wordt de invorderingsrente 1%, op 1 juli 2022 2%, op 1 januari 2023 3% en op 1 januari 2024 4%.

UPDATE 30 SEPTEMBER 2021: De meeste beperkende maatregelen van het kabinet zijn opgeheven. Mede daarom zijn de meeste steunmaatregelen komen te vervallen, waaronder het generieke uitstel. Desondanks kunnen sommige ondernemers nog steeds te maken hebben met liquiditeitsproblemen die hoofdzakelijk zijn ontstaan door de coronacrisis. Om deze ondernemers tegemoet te komen, heeft de staatssecretaris van Financiën in het Besluit van 24 september 2021 onder strikte voorwaarden de volgende aanvullende goedkeuring getroffen:

Onder de volgende voorwaarden wordt goedgekeurd dat de ontvanger uitstel van betaling verleent tot en met 31 januari 2022 voor belastingen die betaald hadden moeten zijn in de periode van 1 oktober 2021 tot en met 31 januari 2022. De ondernemer kan hier tot en met 31 januari 2022 schriftelijk om verzoeken.

Voorwaarden

 a.De ondernemer komt in aanmerking voor de betalingsregeling.

 b.Het nog steeds niet kunnen betalen van belastingen is hoofdzakelijk veroorzaakt door de coronacrisis.

 c.De betalingsproblemen zijn van tijdelijke aard.

 d.De betalingsproblemen zijn voor een bepaald tijdstip opgelost.

 e.Het gaat om een levensvatbare onderneming.

 f.Er is voor de belastingen waarvoor het uitstel wordt gevraagd voldaan aan de aangifteplicht.

 g.Het gevraagde uitstel heeft betrekking op een of meer belastingen.

 h.De ondernemer verstrekt een verklaring van een derde-deskundige die het voor de ontvanger aannemelijk maakt dat aan de eisen als bedoeld onder b t/m e wordt voldaan. De verklaring van de derde deskundige bevat een beoordeling van de aard van de betalingsproblemen, gaat in op de aannemelijkheid van de bedrijfseconomische gezondheid van de onderneming, de haalbaarheid van het in de toekomst inlopen van de betalingsachterstand en geeft blijk van de waarneming van de aan dat oordeel ten grondslag liggende feiten en omstandigheden door de deskundige.

 i.Als de schuld ten tijde van het verzoek om uitstel ingevolge deze goedkeuring lager is dan € 20.000, kan de ondernemer volstaan met een eigen verklaring die voldoet aan dezelfde eisen als bedoeld onder h.

De ontvanger stelt de ondernemer in de gelegenheid om de in verband met deze goedkeuring ontstane belastingschuld af te lossen met een betalingsregeling (zie hierna). De ontvanger verleent geen uitstel van betaling en trekt eerder verleend uitstel van betaling in als de belangen van de Staat zich tegen (verder) uitstel verzetten.

Gelet op de bijzondere omstandigheden van de coronacrisis, vind de Staatssecretaris van Financiën het passend om naast de reguliere betalingsregeling voor ondernemers, voor de belastingen van ondernemers een meer ruimhartige betalingsregeling toe te staan. Daarom is het volgende goedgekeurd.

'Goedkeuring 1

Ik keur goed dat de ontvanger tot 1 oktober 2027 uitstel van betaling verleent voor belastingen van ondernemers die uiterlijk 30 september 2021 betaald hadden moeten zijn, mits aan de ondernemer ingevolge goedkeuring 1 van onderdeel 3.1 van dit besluit is toegezegd dat geen invorderingsmaatregelen zouden worden genomen.

Goedkeuring 2

Ik keur goed dat de ontvanger tot 1 oktober 2027 uitstel van betaling verleent voor belastingen van ondernemers die in de periode van 1 oktober 2021 tot en met 31 januari 2022 betaald hadden moeten zijn en waarvoor ingevolge onderdeel 3.4 van dit besluit uitstel van betaling is verleend.

De ondernemer lost de hiervoor onder goedkeuring 1 en 2 bedoelde belastingen af voor 1 oktober 2027 met een betalingsregeling.

Uitgangspunten betalingsregeling (voor goedkeuring 1 en goedkeuring 2)

Uitgangspunten van de betalingsregeling zijn dat de belastingschuld wordt afgelost in 60 maandelijkse gelijke termijnen en in oktober 2022 aanvangt. De uiterste betaaldatum van de eerste betalingstermijn is 31 oktober 2022. Elke volgende termijn vervalt telkens een maand later. Hiervan kan worden afgeweken als de ondernemer aannemelijk maakt dat het voor hem redelijkerwijs niet mogelijk is in oktober 2022 aan te vangen met het aflossen van zijn coronaschuld volgens het bovenstaande betaalschema, bijvoorbeeld als zijn liquiditeitspositie dat vanwege beperkende maatregelen van het kabinet nog niet in redelijkheid toelaat. De ondernemer kan in dat geval op een later moment beginnen met aflossen volgens dat betaalschema, met dien verstande dat de belastingschuld uiterlijk 1 oktober 2027 volledig is afgelost.

Gedurende de betalingsregeling geldt de voorwaarde dat de ondernemer zich stipt houdt aan zijn nieuw opkomende fiscale verplichtingen. Dit betekent dat de ondernemer tijdig juiste aangiften indient en de daaruit voortvloeiende betalingsverplichtingen tijdig en volledig nakomt.

Als blijkt dat de ondernemer gedurende de betalingsregeling (vanaf 1 oktober 2022) die hem ingevolge dit besluit is toegekend niet (meer) voldoet aan deze voorwaarde kan de ontvanger de betalingsregeling als bedoeld in dit onderdeel weigeren of beëindigen. Alvorens de ontvanger de regeling beëindigt of weigert, stelt hij de ondernemer in de gelegenheid om alsnog binnen veertien dagen aan de voorwaarden te voldoen. De betalingsregeling wordt eveneens niet toegekend of ingetrokken als de belangen van de Staat zich tegen de betalingsregeling verzetten.'

 

Verruiming regeling Garantie Ondernemersfinanciering

Ondernemingen die problemen ondervinden bij het verkrijgen van bankleningen en bankgaranties kunnen gebruik maken van de Garantie Ondernemersfinanciering-regeling (GO). Het kabinet stelt voor het garantieplafond van de GO te verhogen van 400 miljoen naar 1,5 miljard euro. Met de GO helpt EZK zowel het MKB als grote ondernemingen door middel van een 50% garantie op bankleningen en bankgaranties, (minimaal 1,5 miljoen – maximaal 50 miljoen euro per onderneming). Het maximum per onderneming wordt tijdelijk verruimd naar 150 miljoen euro. Het Kabinet committeert zich om alle garantieruimte te verstrekken die nodig is.

Tijdelijk borgstelling voor land- en tuinbouwbedrijven

Voor de land- en tuinbouwbedrijven komt er een tijdelijke borgstelling voor werkkapitaal onder de regeling Borgstelling MKB-Landbouwkredieten (BL). Daarmee staat het kabinet borg voor de kredieten van agrarisch ondernemers. Het kabinet streeft ernaar om deze tijdelijke verruiming van de BL spoedig open te kunnen stellen.

Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten

Indien het inkomen aanzienlijk gedaald is door de coronacrisis waardoor noodzakelijke kosten als woonkosten niet meer betaald kunnen worden, dan kan de Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) mogelijk helpen. De TONKregeling is gebaseerd op de ‘bijzondere bijstand’ en is sinds maart aan te vragen of kan binnenkort worden aangevraagd. Dit verschilt per gemeente. Zo'n aanvraag kan met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2021.

De TONK-regeling kan worden aangevraagd via de website van de gemeente waarin u woonachtig bent. De voorwaarden voor de TONK-regeling zijn:

  • De aanvrager is 18 jaar of ouder;
  • Het inkomensverlies is aanzienlijk als gevolg van de coronacrisis;
  • De woonkosten kunnen niet meer uit het huishoudinkomen of het vermogen worden betaald;
  • Ook met een andere financiële regeling of uitkering, zoals een toeslag van het UWV op de WW-uitkering, zijn er onvoldoende inkomsten om de woonlasten (hypotheek, kosten van gas, water en elektriciteit, servicekosten en gemeentelijke belastingen) te betalen. 

De tegemoetkoming geldt voor maximaal 6 maanden (tot en met juni 2021). Als de tegemoetkoming bijvoorbeeld op 1 april 2021 wordt aangevraagd, bestaat er ook nog recht op de TONK voor januari, februari en maart 2021 als dat nodig is.

Belangrijke websites

Op deze website kan worden doorgeklikt naar de websites van de diverse bancaire instellingen waarop de mogelijkheden van uitstel van aflossingen (en rente) te lezen zijn, om op deze wijze tijd te creëren voor herstel van liquiditeit tijdens de coronacrisis. Ons is bekend dat verschillende bancaire instellingen pro-actief hun relaties benaderen wat de mogelijkheden zijn. Andere banken kiezen voor een reactie houding. Bij vragen hierover, is ons advies om hierover contact te hebben met uw relatiebeheerder bij de bank.

Familiebedrijvigheid is ons DNA

Persoonlijk, gedreven en onderscheidend. Met deze drie kernwaarden staat Van Lienden & Kooistra klaar als adviseur voor uw familiebedrijf. Een familiebedrijf is niet zomaar een bedrijf. Het is méér dan een bedrijf. Wij weten dat maar al te goed.

Alles voor familiebedrijven

Accountants & adviseurs Barneveld

Meer informatie

Accountants & adviseurs Rhenen

Meer informatie